right-arrow

Het Skadarmeer (ook wel Lake Skadar of het Meer van Shkodër genoemd) ligt op de grens van Montenegro en Albanië. We rijden ernaartoe vanuit Berat en doen onderweg een korte tussenstop in Tirana – de hoofdstad die we door onze vertraagde heenvlucht naar Albanië moesten overslaan. Dit is deel drie van de serie roadtrip over de Balkan.

Tirana – hoofdstad van Albanië

Tirana is geen klassieke schoonheid, maar heeft een levendige sfeer met z’n vele terrassen en jonge energie. We nemen snel een kijkje op het Skanderbegplein, waar natuurlijk een meer dan levensgroot standbeeld staat van Skanderbeg zelf: de nationale held die in de 15e eeuw decennialang de Ottomanen wist te weerstaan. Op de Albanese vlag prijkt nog altijd zijn familiewapen: de zwarte, tweekoppige adelaar.

Midden voor het beeld zit een man, verdiept in z’n telefoon. Hij heeft geen idee dat hij inmiddels op twintig vakantiefoto’s staat — als hoofdattractie.

Aan het plein ligt ook het Nationaal Historisch Museum – momenteel volledig in de steigers (juni 2025). Verderop schittert de Et’hem Bey-moskee. De rij is lang en de zon meedogenloos, dus wij wandelen door.

Bunk’art

Om de hoek vinden we Bunk’Art 2, een voormalige nucleaire bunker van het Ministerie van Binnenlandse zaken die nu fungeert als museum over Albanië’s communistische verleden.
Boven is het bloedheet, hier beneden ijzig koud ondanks de zweetdruppels die achter mijn oren langs lopen. Wat een duister verleden. Concentratiekampen, verraad, openlijke executies: alles komt voorbij. Zelfs de geheimen van de beruchte ‘Sigurimi’, de politieke geheime dienst, worden hier onthuld. Het is confronterend, beklemmend en razend interessant.

De Piramide van Tirana móét je beklimmen, zeggen ze. Maar met 40 graden op de teller bedanken wij vriendelijk — liever geen smeltend uitzicht. We sluiten ons bliksembezoek af met een kort rondje bij Tirana Castle, waar je kunt eten of shoppen. Alleen hebben wij net ontbeten en niets nodig, dus stappen we weer in. Op naar de volgende hittebestendige highlight!

Weer onderweg in Albanië

We laten toeterende auto’s, onverwachte inhaalacties en soms ontbrekende rijstroken achter ons en komen al snel in een vrij vlak en open landschap, met veel landbouwgrond. Denk aan graanvelden, boomgaarden en her en der verspreide huizen en schuren.

Hoe dichter je bij Shkodër komt, hoe groener en mediterraner het landschap aanvoelt: meer olijfbomen, cipressen, en in de verte de contouren van bergen. Onderweg van Tirana naar Shkodër blijft het beroemde meer verrassend goed verborgen.

Glamping in Albanië

Het ‘treehouse’ dat ik – vrijwel aan het meer – heb gereserveerd, is nog mooier, leuker en luxer dan op het plaatje. Hier gaan we het de komende vier dagen prima uithouden.

Ons verblijf staat aan de rand van een camping, waar we in alle rust kunnen glampen. Op het terras aan het water kun je voortreffelijk eten. Waarom zouden we vandaag nog weggaan?

’s Avonds zwemmen we in het meer, precies op het moment dat de zon langzaam achter de bergen zakt. Wil je het nog romantischer hebben?

Komani Lake in Noord Albanië

De volgende ochtend stappen we al om zes uur in de auto richting het Koman-meer. Onderweg stoppen we in een klein dorpje bij een bakker. Hij spreekt alleen Albanees – en wij dus niet. Met handen en voeten, veel glimlachen en wat wijzen maken we duidelijk wat we willen. De buit? Een soort ciabatta en twee overheerlijke chocoladecroissants. Ontbijt geregeld.

Dan volgt het meest Albanese stuk weg van de dag: de laatste 20 kilometer naar het Koman-meer. We hobbelen en stuiteren door de bergen, over wegen die misschien ooit geasfalteerd waren, maar inmiddels vooral dienstdoen als grindpad met gaten. Soms laten we zelf een stofwolk achter ons, soms rijden we er dwars doorheen, veroorzaakt door de wielen van een voorganger. Grote stenen tikken tegen de bodem van onze huurauto. We lachen, maar hopen vooral dat alles nog vastzit als we straks uitstappen.

Bijna op het eind zien we ze ineens: graafmachines, walsen, bulldozers. Er wordt hier gewerkt aan de toekomst. Dus voor wie volgend jaar naar het Koman-meer wil: maak je geen zorgen, dan is het waarschijnlijk keurig geasfalteerd. Je mist dan wel wat avontuur, maar ach.

Aangekomen bij de parkeerplaats begint het volgende mini-avontuur: hoe kunnen we de auto zo kwijt raken dat we de 2,5 kilometer naar het haventje níet in deze verzengende hitte hoeven te lopen? Dat blijkt nog een uitdaging op zich, maar uiteindelijk lukt het. Dan wacht alleen nog een donkere tunnel – letterlijk – en daarna staan we ineens aan het water. In het gezellige piepkleine haventje. De reguliere ferry die we willen nemen vertrekt pas over een half uur. Perfect. Tijd voor koffie en ochtendzon.

De oversteek

De tocht is schitterend: we varen langs bergen, nog hogere bergen, en de kloof wordt hier en daar steeds smaller. Het water is helder turquoiseblauw – adembenemend mooi. Zó jammer alleen dat er toch overal plastic flesjes drijven richting de oevers. Het blijft wringen: natuurpracht en mensenrommel gaan hier hand in hand.

De terugweg is pas echt een uitdaging. De zon brandt intussen ongenadig en er is nergens schaduw te bekennen. Bijna aan het eind van de vaart schiet me ineens iets te binnen: ik heb nog batikdoeken in mijn rugzak. Snel knopen we ze vast aan het metalen frame boven onze hoofden. Niet elegant, wel effectief. De andere reizigers kijken eerst wat verbaasd, dan enigszins jaloers – en uiteindelijk lachend – naar onze geïmproviseerde zonneschermen. Ik ben vooral opgelucht dat ik niet volledig verbrand ben… en nóg blijer dat mijn partner het ook heeft overleefd.

Mijn overheerlijke zeevruchtenrisotto kleurt ’s avonds prachtig mee met de inmiddels oranje hemel. Dat hebben we wel verdiend, vinden we zelf. Een perfecte afsluiter van een dag vol water, bergen en zon.

Shkodër (Noord Albanië)

Een gezellig, kleurrijk stadje vol terrassen. Het weer werkt mee en dat helpt natuurlijk altijd. Wat meteen opvalt: ze hebben hier de Italiaanse ijstraditie goed overgenomen. Mijn hoorntje met pistache en hazelnoot smaakt verrukkelijk – alsof ik zó in een Italiaans steegje sta.

Straathonden en -katten liggen gemoedelijk voor winkels en hotels. De honden zijn gelukkig zelden agressief, de katten verrassend schoon en goed doorvoed. Je krijgt het idee dat ze er een eigen plek hebben gevonden, midden in het dagelijks leven.

Kir-vallei

Vanmiddag verkennen we de Kir-vallei. Eerste stop: de veelbezochte Mesi-brug, een elegante boogbrug uit de Ottomaanse tijd. Hij maakt indruk, met z’n verweerde stenen en strategische ligging over de rivier. Hier voel je even de geschiedenis onder je voeten.

Mesi bridge

Daarna volgen we een smalle weg die zich een weg baant door de kloof, langs de rivier. Het landschap is verrukkelijk: grillige rotswanden, helder stromend water en overal tinten groen. Koeien lopen onverstoorbaar op de weg, alsof ze hier het voorrangsbord vormen. Als ik uitstap om een foto te maken, komen er plots twee nieuwsgierige ezels op me af – misschien hopen ze op iets eetbaars, of gewoon op aandacht. Ik gok op de laatste en aai ze. Ik heb vrienden voor het leven gemaakt: ze willen voor geen goud meer weg.

We rijden helemaal door tot aan Prekal, waar de weg lijkt op te houden en het landschap steeds stiller en verlatener wordt. Dan keren we om – met een plan. Eerder zagen we een waanzinnig mooie zwemplek aan de overkant van de rivier. Eerst nog even lunchen en dan dat water in.

Het water is koud, helder en verfrissend – precies wat je nodig hebt na een warme autorit vol bochten, beesten en bruggen. Zo sluit je een dag in de Kir-vallei in stijl af.

Ik kan bijna niet wachten: morgen gaan we verder, naar Montenegro. Maar nu eerst nog één laatste avond aan het meer, voordat we morgen de grens oversteken — op naar nieuwe bergen, nieuwe wegen, en opnieuw: het onbekende.

Info:

We verbleven in het Lake Shkodra Resort – een heerlijke plek aan het meer.
Je kunt er met een eigen kampeermiddel terecht, maar ook slapen in een glamping tent of een boomhut. Er is een leuk aangelegd ‘strandje’ met ligstoelen, een gezellig restaurant met een terras dat uitkijkt over het water en… het eten is er echt voortreffelijk. Ook het ontbijt mag er zijn!

Wil jij ook zwemmen in helder groen water, tussen rotsen? Ga dan zeker naar Bar Restaurant Ermiri in de Kir-vallei. Een klein paradijsje, verscholen tussen de heuvels. Neem wel waterschoenen mee – altijd handig op die stenige ondergrond.

NB: dit is dus deel 3 van het reisverslag van onze roadtrip over de Balkan, nu over Shkodër en omgeving in Noord Albanië. Deel 1 vind je hier. Periodiek zullen er nieuwe delen verschijnen. Volg daarvoor mijn facebook of de website. Op Instagram vind je nog filmpjes van de bestemmingen.

10 juli 2025

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *