right-arrow

In Schotland komt en gaat alles: internet, meren en zee inhammen, wolken, bergen en dalen, de regen (hard, ultrahard, zacht of miezer) en de zon. En die laatste gaat helaas vaker dan hij komt. Toch is het een heerlijk leeg en buitenaards fraai land, vol historie. Als je van stilte, schoonheid, stromend water, schapen en stapels stenen houdt zou ik zeggen: GAAN!

Met het het zuiden van Schotland hebben we jaren geleden al eens kennis gemaakt. Dus nu gaan we door naar het noorden. Onze rondreis begint in Newcastle. Daar rijden we na een avondje veel eten (dan kunnen we vast wennen) en een nachtje slapen, ’s ochtends rond tienen de boot af. Als we onderweg het bord Welkom in Schotland langs de weg zien staan, regent het al behoorlijk. Gelukkig breekt halverwege de dag ons favoriete hemellichaam door.

DAG 1

TROSSACHS EN OMGEVING LOCH LOMOND

Trossachs Church

Het laatste stukje rijden tot aan Loch Katrine – waar we onze eerste wandeling hebben gepland – is verrukkelijk. Wat een idyllische omgeving in het groen hier. Ik ben nu al blij dat we voor deze bestemming hebben gekozen. Trossachs Church doemt er opeens op tussen de bomen. Onverwacht, maar niet onbemind. Oude graven liggen hier met uitzicht op Loch Agray rondom een kerkje uit 1849, opgetrokken uit grove stenen. Je zult er maar mogen liggen als je het aardse voor het eeuwige hebt moeten verruilen.

Loch Katrine

Aan het einde van een doodlopende weg ligt de pier van Loch Katrine. We voelen ons wat onwerkelijk hier. Het lijkt een tekening uit een sprookjesboek: die oude stoomboot, de met hout afgedekte pier en het Loch. We wandelen dat voor een deel rond en hebben stiekem spijt dat we hier geen houten huisje aan het water hebben geboekt. Er staan er hooguit acht en de rust is er adembenemend. En waar deze mensen op uitkijken!

Loch Katrine

The devil’s pulpit (Finnich Glen)

De preekstoel van de duivel (vertaald) werd beroemd door de hitserie Outlander op Netflix. En ik wil hem erg graag zien. Deze bijzondere bodem van een kloof leek op een filmset, zo schitterend zag hij eruit op het scherm. We starten boven bij het bord op de parkeerplaats waar Finnich Glen staat aangegeven. Helaas blijkt dit niet de goede weg. We zoeken en zoeken maar vinden niet waar/hoe we exact de kloof in kunnen. Eenmaal thuis kwam ik erachter. Nou ja, een goede reden om nog eens terug te gaan.

Balloch Castle Country Park

In dit park kun je genieten van een weldadig panorama over de heuvel en Loch Lomond. Je vindt er ook heuse rhodondendron bomen, met dikke stammen. Die heb ik nooit eerder gezien.

Luss – Loch Lomond

Wat een schattig dorpje is dit. Klein maar fijn. De huisjes zijn er zo hoog als je lang bent, de oude begraafplaats bij de kerk lijkt uit een film te zijn weggelopen en de pier en het strand liggen er uitnodigend bij.

Arrochar – Loch Long

Op het meest noordelijke puntje van Loch Long ligt dit vriendelijke plaatsje. Wij slapen er aan het water, vlakbij de oude pier, die innemend is dankzij zijn vergankelijkheid. Het zeewier hangt rondom de verroeste stalen delen en het is ook nog eens eb: romantischer kunnen we onze eerste nacht in Schotland niet doorbrengen. De houten huisjes van Loch Katrine zijn ook op slag uit ons hoofd verdwenen. Het panorama vanuit onze kamer over het Loch is nog vele malen mooier met die laaghangende bewolking op de bergen rond het Loch.

DAG 2

TUSSEN LOCH LOMOND EN OBAN

We krijgen al haggis bij ons eerste ontbijt: wie had dat gedacht! Ik vind het aardig, maar niet hoogstaand en ben blij dat ik dit al op dag twee weet. Hoef ik me daar niet meer mee bezig te houden. Wel verbaas ik me over de grote hoeveelheid eten die hier op je bord ligt. Als ik daar grappend iets over opmerk krijg ik als antwoord: ‘Well, that’ll keep you going dear!’ (met dat zware Schotse accent moet ik trouwens wel drie keer vragen wat er precies gezegd werd). Nou ja, dat doen we dan maar!

Falls of Falloch

Via Loch Lomond rijden we naar Tyndrum Woodlands om te wandelen. Maar eerst doen we de oudste pub van Schotland (uit 1705) aan in Inverarnan. Jammer dat we nog vol zitten van de eieren, spek en haggis, anders zou ik hier graag een koffietje met wat lekkers doen. Iets verderop vind je de Falls of Falloch. Het water uit de rivier de Falloch stort hier ruim negen meter over de rotsen naar beneden de vallei van Falloch in, op weg naar Ardlui aan Loch Lomond.

Tyndrum woodlands

Op 92 hectare probeert de gemeenschap zelf hier de oorspronkelijke natuur en vooral biodiversiteit terug te brengen langs de oevers van de snelstromende rivieren. We lopen er een stuk van de zogenaamde West Highland Way en kijken rond bij Lochan of the lost sword, gebaseerd op een legende over een grenstwist. Je loopt hier heerlijk langs de rivier en hebt uitzicht op de bergen eromheen. Een relaxte route: eigenlijk zou ik nu graag doorlopen over de West Highland Way

Tyndrum Woodlands

Kilchurn castle

Onderweg naar ons overnachtingsadres in Oban maken we hier een stop. Wat een plaatje vormt deze ruïne aan Loch Awe tegen de achtergrond van bewolkte groene reuzen en een weer voorzichtig doorbrekend zonnetje. Schapen liggen er met hun lammeren te luieren tussen de bomen en lijken te genieten van de warmte. De meeste toeristen die we er treffen nemen niet eens de moeite om naar beneden te lopen en schieten een plaatje van bovenaf langs de weg. Heel fijn, dan hebben wij dit rijk voor ons alleen!

Kilchurn Castle

St. Conan’s Kirk

Dit juweeltje verrast ons als we er langs rijden, we wisten er niet van. Gek eigenlijk, want het blijkt een van de meest bezochte attracties van Argyll and Bute. Ik kan er geen genoeg van krijgen, elke hoek van dit pareltje van een kerk biedt een nieuw perspectief. Niet zo vreemd als je bedenkt dat dit bouwwerk allerlei bouwstijlen in zich heeft: gotisch, saksisch en een zogenaamde Norman doorway karakteriseren dit kerkje. Het beschikt ook over een spectaculaire lichtinval en vanuit de tuin kijk je uit over de weidse omgeving van Loch Awe.

Oban

Dit van oorsprong kleine vissersplaatsje werd destijds – door de komst van een spoorweg in 1880 – uitvalshaven voor de Binnen Hebriden (waaronder Isle of Skye en Isle of Mull) en Buiten Hebriden (o.a. Isles of Lewis and Harris). Dat is ook precies de reden waarom wij hier verblijven: morgen pakken we de ferry naar Mull. Jippie!

Maar eerst maken we nog een kustwandeling vanaf het witte strand bij Ganavan Sands. Het vergezicht is weergaloos hier: op de heuvels groeien de gele gaffeldoornen overdadig en het water is dankzij de felle zon nu azuurblauw. En dat alles omringd door heuvels. Die paar wolken aan de lucht maken het beeld alleen maar gaver. Wat een bof dat we hier ’s avonds voor het slapen gaan vanuit onze B&B kunnen genieten van de magische zonsondergang.

DAG 3

BINNEN HEBRIDEN

De reus van een ferry naar Mull is overvol en een jeugd rugbyteam uit Oban reist met ons mee. Dat is nog eens iets anders dan bij ons met de auto naar een andere stad voor een uitwedstrijd van je voetbalteam. In de wind is het best koud op het water op weg naar Craignure. Ik doe mijn handschoenen aan en zet mijn muts op. Wat ben ik blij dat ik die op het allerlaatst nog heb meegenomen. We passeren weer een kanjer van een kasteel: Duart Castle. Ik voel me als een prinses op de erwt.

Duart Castle

De rit in het busje over Mull is de moeite waard, maar het boottripje daarna vanaf het haventje voor de ferry naar Ulva is onnavolgbaar. We varen met tien man naar de eilanden Staffa en Lunga en genieten daar van de honderden zo niet duizenden vogels. Ik ben speciaal gekomen voor de puffins (papegaaiduikers) die al jaren op mijn verlanglijstje staan om te fotograferen.  De andere vogels als zeekoeten, alken en kuifaalscholvers krijgen we er nog bij cadeau. Wat een dag! Zonnestralen verwarmen ons vandaag gelukkig uitbundig, want brr, wat is het hier toch koud aan de westkust van Schotland. Het is supergaaf dat we ook nog een zeearend en grijze zeehonden treffen op de terugweg.

DAG 4

HIGHLANDS

We zijn steeds vroeg wakker en hebben ons tevoren niet gerealiseerd dat het hier ’s nachts zo licht blijft. Eigenlijk niet zo gek als je bedenkt dat het noorden van Schotland op dezelfde breedtegraad ligt als bijvoorbeeld Stavanger in Noorwegen. ’s Ochtends komt het hemelwater weer naar beneden. Hè bah, net nu we echt naar de Highlands gaan. Toch kunnen we niet wachten.

Dunstaffnage Castle

Op een half uurtje rijden naar het noorden vanuit Oban bezoeken we Dunstaffnage Castle (we hebben nog niet genoeg ruïnes gezien 😉 Het is vandaag weer four seasons in one day: vlak voor het kasteel laat de zon zich weer zien en wordt het meteen warm. De bluebells in het gras staan hier weer te pronken en konijntjes springen heen en weer door het aangrenzende bos. Niet alleen de ruïne maar ook het nabijgelegen strand maken het plaatje compleet: het lijkt de Hof van Eden wel.

Rannoch Moor

Via de waanzinnige Rannoch Moor – waar allemaal kleine eilandjes in meertjes liggen omringd door bergen van circa 900 meter hoog – rijden we naar Glencoe Mountain resort. De kabelbaan ligt er wat verdrietig bij. Zeker nu het zo regent. In de sneeuw zal het ongetwijfeld prachtig zijn om te zien. Jammer genoeg had ik geen tijd om foto’s te maken op deze route want hij is bloedmooi! Nog een reden om nog eens terug te keren naar Schotland.

Skyfall Road

Glen Etive wacht op ons. De beelden van deze weg uit de gelijknamige film van James Bond trekken ons hiernaartoe. Dat het weer druppelt deert ons niet, wat een buitenaardse fraaiheid. De Schotten trouwens ook niet: die staan hier in kleine tentjes in de vallei om de rivier heen. Wat een helden! We treffen er talloze edelherten en weten van geen ophouden om alles vast te leggen met onze camera’s: lekker buiten spelen. Alhoewel, lopend langs de rivier word ik opgegeten door die beruchte midges (kleine steekvliegen). Ik moet vooral niet stil blijven staan want dan bevolken ze mijn hele gezicht.

Glencoe

Door naar Glencoe, het meest iconische beeld van heel Schotland en met recht! Hier lopen we de trail Lost/hidden valley en pakken daarna een soepje bij het Visitor Centre om wat op te warmen. Na de lunch lopen we een rondje om Glencoe Lochan, niet puur natuur, maar toch aantrekkelijk. De Grey Mares waterval aan het eind van Loch Leven trekt, dus die besluiten we nog mee te nemen. Het is ook maar een korte wandeling. Voorafgaand daaraan genieten we van de vergezichten uit de auto over dit bijzondere Loch.

Inchree

Gastvrouw Shirley ontvangt ons eind van de middag vriendelijk bij onze B&B in Inchree. Gelukkig is er een terras boven waar we ons aan de laatste zonnestralen kunnen laven. De dag eindigt wat minder: eerst sluiten we onszelf buiten en moeten we een paar keer om hulp roepen en daarna zit het super leuke restaurant direct naast onze B&B helemaal vol. We reserveren maar meteen voor de dag erna. Onverwachte surprise: in Onich, iets verderop, dineren we die avond heerlijk aan het water. Soms heb je geluk bij een ongeluk!

DAG 5

HIGHLANDS

Ben Nevis en Steal Waterfall

Een kennis van me, Schotland kenner en -hiker by heart, raadde me de rondwandeling aan bij Steal Waterfall, onderaan Ben Nevis (de hoogste berg van Schotland, ruim 1300 meter). Scheen onze beste vriend vanochtend nog overtuigend aan een strakblauwe lucht, al snel klauteren we in de stromende regen over rotsen langs deze immense kloof. Aan het eind wacht de cascade. Het zonnetje keert precies terug als we – nat tot op het bot – bij de auto arriveren. Lekker dan. De beklimming van Ben Nevis laten we toch maar links liggen: een derde reden om nog eens terug te gaan… We drinken warme chocola bij het Visitor Centre en lopen daarna nog een stukje de berg op om verder op te warmen in de zonneschijn. Nieuwsgierige lammetjes bekijken ons op afstand. We voelen ons rijk.

Fort William en Glencoe

We nemen heel kort een kijkje in Fort William (we houden hier meer van de natuur dan van de stad) en rijden terug naar Glencoe voor nog een wandeling de berg op. Halverwege de beklimming worden we weer overvallen door heftige buien. Ditmaal zijn we voorbereid: de regenbroek gaat meteen lekker aan.

Gelukkig hebben we een plekje in ‘ons restaurant’ geboekt, want we zijn behoorlijk op.

DAG 6

ISLE OF SKYE

Glenfinnan

Ja, natuurlijk nemen we eerst nog even een kijkje bij dit beroemde viaduct van Harry Potter, al heb ik een broertje dood aan hyper toeristische bestemmingen. En ja, natuurlijk blijven we wachten op de stoomtrein nu, ondanks dat we ons voorgenomen hadden dat niet te doen. En ja, natuurlijk is het geweldig om dan toch dat iconische shot te kunnen maken. Dus bij deze: de Zweinstein Express!

Isle of Skye

We rijden snel door om de ferry naar Skye te halen die vanuit de haven van Mallaigh vertrekt. De enige tussenstop is nog het witte strand daar: echt bizar mooi om te zien, al is het erg bewolkt. Wat moet dit nog fantastischer zijn als het baadt in het zonlicht.

Na wat gedoe met onze boeking voor de overtocht – een aantal afvaarten is geschrapt – mogen we toch nog mee. Als allerlaatste rijden we de ferry op. De muts gaat ook weer op want warm zal het zeker niet zijn op zee. Gelukkig duurt het nog geen uurtje.

Al snel na aankomst zien we een vuurtoren liggen. We voelen ons weer echt op een eiland: wat een schilderij!

Kylerhea

Otters willen we zien, dus rijden we in één streep naar Kylerhea. Wel in een trage streep trouwens, want de super smalle en steile weg met gaten houdt niet over. Wel breekt het zonnetje weer door en laat zijn licht schijnen over deze waanzinnige baai. Het laatste stukje afdaling is echt een feest!

Hier maken we weer kennis met onze vrienden de ‘midges’: mijn hele gezicht prikt. Logisch dus dat twee jongens die deze route tegelijk met ons zijn gestart zo’n hoofdnetje over hun hoofd dragen. Leer voor een volgende keer!

De brem bloeit er in uitbundige kleuren maar otters zien we er helaas niet. Wel genieten we van de blikken die we op de zeestraat kunnen werpen en van de bluebell velden (boshyacinthen) in het bos langs het pad.

Fairy pools

Onderweg naar deze trekpleister stuiten we op Sligeachan bridge. Die leg ik vanuit alle hoeken op de gevoelige plaat vast en ik weet zelf niet vanuit welke hoek hij nu het mooiste is. Schotser dan dit wordt het niet!

Sligeachan Bridge

Verderop wordt de weg naar de Fairy pools steeds meer ‘fairy like’: wat een feeëriek landschap langs Loch Harport. Groene glooiende heuvels begroeid met knalgele gaffeldoornen liggen rondom het Loch, waarvan de oever scherp afgesneden lijkt van de berg. Hierna wordt het weer ruiger en zien we de wandelweg naar de pools beneden in het dal lopen. Pff, het is intussen heet geworden. Ik vraag de Amerikaanse vrouw die met rood hoofd weer naar boven komt of het de inspanning waard is, want we zijn best moe. Eerst kijkt ze wat bedenkelijk en dan zegt ze lachend: ‘it sure is, you better go down!’

Dat doen we dan maar: eerst een fikse afdaling en daarna weer een steile klim naar boven. Niet gek dus dat een aantal pubers een duik neemt in het koude water van een van de poelen. De watervalletjes in de pools zijn niet overdadig: een stuk minder dan ik verwacht had. Desondanks is het een leuke plek om gezien te hebben. Weer terug in de auto laat ik de airco lekker loeien.

Portree

Onze B&B is in Portree, het grootste en kleurrijke stadje van het eiland. Wat een ontvangst krijgen we hier van Donna, onze gastvrouw. Portree zelf blijkt aardig overlopen: we kunnen ’s avonds overal in de rij aansluiten voor de restaurants (tot buiten aan toe). Echt absurd. Ik vraag Donna bij terugkomst hoe de eigen inwoners dat in hemelsnaam doen: uit eten. ‘Not’ zegt Donna ‘you just don’t go there’. Bizar.

DAG 7

ISLE OF SKYE

’s Ochtends zitten we in de ontbijtruimte naast een Amerikaanse uit Minneapolis die ook een blog bijhoudt van haar reizen. Ze is al met pensioen en heeft dus alle tijd van de wereld. Een beetje jaloersmakend wel. Zij is niet ‘back- to-the-roots’ zoals veel Amerikanen die we hier treffen. Haar voorouders zijn Duits en Nederlands vertelt ze. Intussen verminderen we de bestelling voor het ontbijt iedere dag een beetje meer. ‘Nee, dank je, doe maar één ei en zonder spek graag’. Een week Schots ontbijt gaat je echt niet in de koude kleren zitten.

Quiraing

De voornaamste reden dat we op Skye zitten is de Quiraing hike. Gezien de drukte hier gaan we lekker vroeg op pad en treffen we dus niet al teveel mede hikers. We voelen ons hier als God in Schotland.

Ik loop de hele weg met kippenvel en dat is niet alleen van de miezer en de kou: wat een oogverblindende schoonheid. Dat het steil en verder is dan oorspronkelijk de bedoeling was deert me nagenoeg niet. Ook de wind niet die om je oren giert en je af en toe het idee geeft dat je gaat omvallen. Als we een verkeerde afslag nemen wordt wel wat vervelend: we soppen door een soort van moeras zonder zicht op waar we gaan uitkomen. Mijn sokken zijn intussen drijfnat. En als we het juiste pad terugvinden volgt daarna een bijna loodrechte afdaling. Erg jammer zo op het eind, maar wat een waanzinnig avontuur hebben wij beleefd.

Mocht je ooit op Skye zijn: niet aarzelen bij deze hike! En heb je hem al ooit gedaan, dan weet je gelukkig waar ik het over heb.

Fairy Glen

We blijven in fairy sferen en lopen Fairy Glen in. Je stapt hier zo the Shire in uit de film Lord of the Rings. Wat een onvoorstelbare bekoorlijkheid heeft het landschap hier, ondanks dat – of misschien juist wel omdat -het weer miezert.

Het traject bij de beroemde Old man of Storr slaan we over: die hult zich vanmiddag in dikke mist.

Ook in Portree is alles drijfnat als we terugkeren voor het diner. Ditmaal zijn we de rij voor en wachten we in de pub met een biertje in de hand tot het bijbehorende restaurant open gaat.

Na het avondeten wagen we weer een poging bij ‘de oude man’, die nu helemaal verdwenen is in lobbige nevel. Dan maar vroeg naar bed.

DAG 8

ONDERWEG NAAR INVERNESS

Als ik Donna bij het afscheid vraag hoe ze toch die appetijtelijk uitziende gepocheerde eieren maakt laat ze me de pan zien waarmee ze dat doet. Uitgebreide uitleg van haar man volgt: hij blijkt de eieren kok. Meteen vertelt hij dat ze hier al hun hele leven wonen en hijzelf uit Portree komt en zijn vrouw uit het kleinere Broadford: hij had destijds medelijden met haar, grapt hij. Hij verhaalt ook over het grote aantal edelherten dat ze vaak in hun tuin zien en dat wij vandaag helaas pech hebben. Als we antwoorden dat we richting Inverness gaan op zijn vraag daartoe, vertelt hij hoe ze daar hun eigen stadsnaam uitspreken: ‘Einvurneisj’. Dat we het maar weten. We zijn benieuwd!

Eilean Donan Castle

Dit kasteel uit de film Highlander kun je niet missen langs de weg van Skye naar Inverness. Van alle kanten schiet ik plaatjes en weer kan ik de beste hoek niet vinden. Iets verderop wil ik langs Manuela’s Wee Bakery. Zo grappig en origineel bedacht is dit plekje van een Nederlandse vrouw en haar Duitse man, naar ik verneem. Ik vraag de jonge vrouw die ons bedient namelijk of ze soms Nederlandse is; ik meen het aan haar accent te horen (uiteraard praat ze Engels). Dat klopt! Zij beheert Pizza Jo hier en haar eigen Duitse vader heeft een vriend die dit soort huisjes maakt, dus kon het plan snel uitgevoerd dat haar stiefvader en moeder beheren. Zelf reist ze heen en weer tussen de landen en spreekt ook beide talen. Natuurlijk drinken we hier een kop koffie en breng ik daarna het speciale kleine huisje een bezoek. De bijbehorende distilleerderij laten we zo ’s ochtends vroeg nog liever even links liggen.

Invermoriston

In the Clog and Craft Shop – een souvenirwinkeltje in dit stadje – verkopen ze echt leuke handgemaakte dingen. Om de hoek maken we een wandeling naar de watervalletjes in de rivier, die uiteindelijk in Loch Ness eindigt. Ook hier treffen we blauwer dan blauwe velden vol bluebells in het bos.

Invermoriston Falls

Urquhart Castle

Na zoveel fraaie kastelen en kasteel ruïnes valt dit aanzicht ons wat tegen. Toch nemen we er een uitgebreide kijk: we zijn er nu toch. Zijn bewogen geschiedenis, die ze in het filmtheater vertonen, is des te interessanter.

Urquhart Castle

Loch Ness

Uiteraard speelt er een doedelzakspeler op het plein van Drumnadrochit aan het meest beroemde Loch van Schotland. En uiteraard geven we hem een fooi, het klinkt heerlijk toch?! Soms is toerist zijn zo gek nog niet.

Eigenlijk wilden we naar Divach Falls maar we zijn best moe en zien een steile berg op klimmen niet meer zo zitten nu. In het bos (Craigmonie wood) is het ook gewoon smullen: we spotten er een ree en zien er weer stapels bluebells bloeien.

Inverness

Het is even zoeken naar ons verblijf in Inverness midden in de stad. We lopen van hieruit gelukkig zo het centrum in. We drinken een biertje in een gezellige pub, eten Indiaas (waar ik zo van houd, zeker op de Britse eilanden) en bewonderen de weinige bezienswaardigheden als de kerk met de paarse deuren en de Victoriaanse markthallen. Leukste bezienswaardigheid hier zijn wat mij betreft de pubs met live muziek. We hebben een super avond in de Highlander en de Hootananny.

DAG 9

INVERNESS EN BLACK ISLE

Culloden Battlefield

’s Ochtends smullen we bij een overheerlijke bakker van een broodje: weer eens wat anders dan eieren en spek. Culloden Battlefield staat als eerste op het program. Als je in de buurt bent is het een aardige plek om te bezoeken. Hier heeft zich in 1746 een stuk geschiedenis afgespeeld waar wij op school niet echt over geleerd hebben. Het vertelt je veel over het clan systeem en de slag die hier geslagen is. Na deze slag – de laatste in Groot Brittannië – werd het dragen van een kilt verboden, de doedelzak in de ban gedaan en het clan systeem verdween.

Hier is het ‘back-to-the-roots’ gevoel van voornamelijk Amerikanen heel tastbaar. En het clan gevoel van de Schotten zelf. Bij de ingang liggen tegels, gedoneerd door the Ladies from Lallybroch (Outlander) bijvoorbeeld en door Gerald Butler, Amerikaanse acteur (en Loyal son of Scotland). De kolossale stenen die hier liggen ter nagedachtenis aan de leden van de clans die hier omgekomen zijn maken indruk. Die van de ‘Fraser clan’ (Outlander), afgezet met hekken en een rood lint ter voorkoming van vervelend toeristengedrag, is snel gevonden. Een beetje vreemd wel (dat gedrag dan hè, niet dat ze hem daardoor afzetten).

Black Isle

De kathedraal (ruïne) in het lieflijke dorpje Fortrose verrast ons. Wat een pracht! We komen hier ook voor Chanonry Point, waar je dolfijnen zou moeten kunnen zien zwemmen. We zijn er blijkbaar niet op het juiste tijdstip en zien er alleen heel veel vogels. In het aangrenzende beeldige dorpje – Rosemarkie – drinken we buiten in de warmte van de middagzon koffie met de voetjes in het gras aan zee. Wat een setting!

Een stukje noordelijker is het even zoeken naar het startpunt van de wandelroute die ik eerder heb uitgezocht op internet. Het blijkt een kadootje: je maakt een steile afdaling tussen bloeiende gele gaffeldoornen door met steeds zicht op zee. Beneden wacht een reuzen rotsenpartij: Mac Farquhar’s bed. Dat het intussen weer heet is geworden en je daarna weer steil naar boven terug moet mag de pret niet drukken.

Corrieshalloch gorge

Onderweg naar ons volgende verblijf in het charmante Ullapool stoppen we alleen nog bij de brug van de Black Waterfalls en strekken we de benen nog even tijdens het loopje door Corrieshalloch gorge. Ik waan me even in Canada als ik vanaf de hangbrug over deze kloof het woeste kolkende water in de diepte zie storten. Het is nog maar 20 kilometer rijden naar Ullapool…

Tot zover deel 1 van onze Schotland trip. In deel 2 gaan we vanaf Ullapool de beroemde NC 500 rijden: de sensationele panoramaweg langs de westkust naar het noorden van Schotland. In deel 3 vind je onze ervaringen in Edinburgh aan het eind van de trip.

Onze roadtrip in mei zag er in grote lijnen als volgt uit:

4 juli 2023

Doe mee met de conversatie

4 reacties

  1. Fantastische foto’s en verhalen Monique! Herkenbaar van onze reis lang geleden. Volgens mij maakte ik in Portree exact dezelfde foto’s 😉

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *