right-arrow

Ook vlak over de grens is het fijn wandelen. Hierbij een mooie afwisselende route door de natuur en een Kaffee mit Kuchen in een heus klooster. Op slechts een half uurtje van Nijmegen.

Zondag 11 november starten we onze route bij de St. Stephanus Kirche in Kessel en de zon is echt warm. Wat een bof. We lopen op de rechteroever langs de Niers, een snelstromend riviertje, waar meerkoeten en waterhoentjes rondscharrelen in het groen. Ook zien we holen in de aarden wallen langs het water. Kennelijk zijn de oeverzwaluwen ook gek op dit gebied, waar de natuur weer mocht terugkeren. Renaturierung noemen ze dat hier. Naast verlenging en verbreding van de waterloop werd de Niers voorzien van dikke takken en boomstammen. Om op die manier een ​​dynamische water- en uiterwaardenontwikkeling in gang te kunnen zetten.

De rust overheerst op deze bijzondere zondagmiddag. Er vliegen zelfs nog vlinders in het rond. Zo nu en dan komen we andere wandelaars tegen, al dan niet vergezeld door een hond (of twee). Aan de herfstblaadjes op het water – die met behoorlijke snelheid onze kant opkomen –  zien we dat we stroomopwaarts lopen. Bij een roestbruine eikenboom groeten we een man die zojuist een visje uitgooit: kennelijk zitten er ook snoeken.

Op de linkeroever van de waterstroom, nadat we de brug zijn overgestoken, lopen we op enig moment tussen water aan beide kanten. Links van ons lijkt het wel Canada. We verwachten op elk moment een beer aan te treffen tussen de gele, groene, bruine en bruinrode bomen. Wat een kleurenpalet is het aan de overkant van dit meer. Bij de waterplas rechts van ons besluiten we een kijkje te nemen. Ondanks de zon – die hier op het water schittert en ons bijna verblindt –  kunnen we tot op de bodem kijken. Op de oever kronkelen grote zwammenkringen tussen stammen van naaldbomen.

En dan vangen we een glimp op van Klooster Graefenthal. Gelukkig is het open. Kaffee mit Kuchen hoort immers bij Duitsland, zeker op zondagmiddag. Eenmaal binnen de muren scharrelen de kippen er gezellig rond in het gras om het hooggraf van Otto II van Gelre. Hij stichtte dit klooster in 1248 op verzoek van zijn vrouw Margaretha van Kleef. Ook op de loungestoelen van het terras liggen de kippen lekker in het zonnetje. We hebben dus gratis vermaak.

Na het lekkers gaat het verder en passeren we voor de tweede keer een veld met uitgebloeide aspergeplanten. Kessel staat ook bekend als Spargeldorf (aspergedorp). Omdat de asperge een meerjarig gewas is, groeit het na het oogstseizoen door tot een plant met loof. Dat wordt in de herfst geel en sterft af. De opgebouwde suikers trekken daarna via de sapstroom naar de wortels. Deze voedingsstoffen zorgen dan voor nieuwe stengels in het volgende oogstseizoen. Langs het aspergeveld staat het bijenvoer nog in bloei. De natuur lijkt echt van slag.

Langs grasvelden lopen we richting brug over de Niers. Aan de andere kant wacht ons het bos. Loofbomen, naaldbomen, alle kleuren van de regenboog omringen ons nu. Rechts van ons ligt een hoge wal en ondanks dat die lokt blijven we lekker vlak lopen tot we de Niers weer zien. Het grootste gedeelte van het pad is hier trouwens ruiterpad, maar daar heb je verder geen last van.

Bijna terug zien we de resten van een omgekapte boom. Hij is helemaal versierd met engelen. In Coronatijd heeft het aantal Engelchen in deze Baum een behoorlijke vlucht genomen, zo liet ik mij vertellen. Langs het moeras lopen we terug richting brug. Ook hier bloeien nog bloemen. Het moet niet gekker worden.

Met dank aan de engelen wordt de lucht nu pas donker. In sneltreinvaart hollen we bij de eerste druppels terug naar de auto. Als we Kessel uitrijden stortregent het.

NB: ’s Zomers is het hier heerlijk fietsen: libellen en vlinders vliegen dan in het rond en in het seizoen is het heerlijk Spargel essen in Kessel. Nog een reden om deze streek een keer te bezoeken.

7 november 2021.

Info:

Hieronder heb ik onze zelf bedachte route aangegeven. Aangezien we stroomopwaarts liepen kan de aanduiding van rechter- en linkeroever in het verhaal misschien wat verwarrend zijn. De ligging van de oevers van een rivier wordt altijd stroomafwaarts bekeken en benoemd, vandaar. De route is eenvoudig en verdwalen bijna onmogelijk. Uiteindelijk loop je circa tien kilometer en drink je halverwege koffie.

Doe mee met de conversatie

2 reacties

  1. Geweldige wandeling, foto`s en een beeldend verhaal erbij. Compliment! En ontzettend veel geluk met het weer, zo is wandelen een feest.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *