right-arrow

Toen ik vroeger naar Draculafilms keek had ik nooit gedacht dat ik ooit nog eens zijn kasteel zou bezoeken, maar gelukkig heb ik dat afgelopen zomer gedaan. En dat is nog maar één van de vele hoogtepunten die je zult ontdekken als je door Transsylvanië reist: een echte reis terug in de tijd, deze bijzondere roadtrip door Roemenië. We werden aangenaam verrast door de groene eenvoud van het land en de schoonheid van deze provincie.

Dracula

Achter elk hoekje verwacht je hier Christopher Lee aan te treffen als je in donker de trap oploopt terug naar je kamer in dit hotel in Turda (Hunter Prince Castle & Dracula hotel). Dineer hier vooral ook, in een ambiance die het midden houdt tussen Romeinse grandeur en het kasteel van Dracula uit de films.

Turda zelf, zo’n 40 kilometer ten zuiden van de luchthaven van Cluj-Napoca, is een klein en weliswaar gezellig stadje, waar verder niet zoveel valt te beleven. De kloof van Turda (Cheile Turzii in het Roemeens) is daarentegen de moeite meer dan waard. Je wandelt en klautert hier tussen steile hoge wanden, die soms bijna loodrecht zijn, over een uitdagend pad met leuke hangbruggen en uitzicht op een snelstromend riviertje. Als je geluk hebt loopt een van de honden die hier wonen gezellig met je mee. In Roemenië zijn veel straathonden en gelukkig zien die er allemaal redelijk doorvoed uit. Over het algemeen zijn ze gelukkig ook niet agressief.

Medias

Via Medias, een gemoedelijk stadje, met een historisch centrum vol gekleurde huisjes in voornamelijk roze, groen en geel, rijden we naar het gefortificeerde Biertan. In Transsylvanië woonden veel etnische Duitsers (ook wel Siebenbürger Sachsen genoemd), hier naartoe gehaald in de 12e en 13e eeuw door de Hongaarse koning Geza II. Ze waren voornamelijk afkomstig uit de Moezelstreek en moesten destijds de grenzen beschermen tegen invallen van Mongolen en Turken. Vandaar ook dat er veel Saksische forten en weerkerken (ofwel vestingkerken) te vinden zijn. Veel Duitsers zijn door de jaren heen ook weer vertrokken uit de streek (zeker na de val van Ceausescu, toen zij mochten emigreren naar Duitsland) maar hun invloed is hier nog overal merkbaar.

Biertan

Ook in Biertan tref je vrolijk beschilderde huisjes aan, in dit geval geschakeerd rondom een van de mooiere vestingkerken die we hier gezien hebben: het lijkt dan ook eerder op een kasteel dan op een voormalige bisschopskerk (vanaf de 16e tot en met de 19e eeuw was Biertan een bisschopszetel).

Sighisoara

De eigenaar van onze bed & breakfast in Sighisoara (wat mij betreft de leukste stad van deze trip kan ik achteraf wel stellen) ontvangt ons vriendelijk. Hij spreekt maar een paar woorden Engels, maar zijn lach maakt een hoop goed. Middeleeuws Sighisoara oogt als een prent uit een sprookjesboek. De bouwstijl van het historische centrum bovenop de berg doet je aan de Efteling denken. Lieflijke huisjes in allerhande zuurstokkleuren, een houten overdekte trap die de boven- met de benedenstad verbindt (een Middeleeuwse trap als deze zul je nog veelvuldig aantreffen in de streek) en een stadsplein met terrasjes in de zon.

Vlad Dracul

Vlad Dracul ofwel Vlad III, vorst van Walachije, berucht om zijn bloeddorstigheid (hij spieste zijn tegenstanders meestal) zou in deze stad geboren zijn en gewoond hebben. Hoogstwaarschijnlijk ontleende Bram Stoker de naam van de romanfiguur ‘Dracula’ aan deze historische figuur. Sighisoara is echter ook zonder dit verhaal een sfeervolle stad, die gedomineerd wordt door de schitterende Klosterkirche, stammend uit 1500. Niet voor niets staat het oude centrum op de Unesco Werelderfgoed lijst.

Rupea en Racos

Via de indrukwekkende gerestaureerde citadel van Rupea, een van de oudste archeologische sites van Roemenië, rijden we naar Racos. Hier bevindt zich een oude vulkaankrater (Vulcanul Racos) en verderop zijn er basaltzuilen te bewonderen. De krater zelf doet denken aan de landschappen van Zuidwest Amerika: rode aarde, hoge geel met bruine wanden, hier en daar begroeid met groene sparren. Buitenaards gewoon, helemaal als je daarna ook nog het turquoise meer (Lacul smarald) iets verderop bezoekt.

In de diepte ligt het water in deze voormalige basalt steengroeve met haar steile bergwanden te weerkaatsen in de zon. Het blijkt kraakhelder als we afdalen om er een duik te nemen. Racos zelf is ook de moeite waard: wandel wat rond en geniet hier gewoon van een inkijkje in het dagelijks leven van het dorp. 

Viscri

Onderweg naar Viscri wordt de weg weer steeds slechter. Houdt daar rekening mee mocht je besluiten een roadtrip als de onze te maken. Kuilen, gaten, grind, zand, overstekende honden, katten, schapen en geiten, zich langzaam voortbewegende paard en wagens: alles is aanwezig om vooral geen snelheid te kunnen maken op de wegen hier. Met zo’n zestig kilometer gemiddeld per uur zit je hier echt aan de hoge kant. In het idyllische Viscri met haar witte fortkerk en charmant gekleurde boerderijen wonen nog steeds Duitsers.

Charles

Als twee mannen naast ons plaatsnemen op een ‘terras’ (drie houten banken en twee tafels staan tegen een winkeltje annex bar schots en scheef op de keien) komen we ook in gesprek over die Duitse geschiedenis hier. De mannen komen hier al een aantal jaar, net als Charles van Engeland, die hier naar zeggen een buitenhuis heeft om er op beren te komen jagen. Die willen we natuurlijk ook nog gaan zien (die beren dan) maar dat is voor later.

We hebben nu het gevoel in een sprookjesboek van Grimm te zijn terechtgekomen: er lopen ganzen rond en aan de brede houten poorten naar de hofjes van de pastelgekleurde boerenhoeven hangen zelfgemaakte kleertjes, kleedjes, sjaals en sloffen voor de verkoop.

Naar Piatra Neamt

De rit naar Piatra Neamt is lang en zeer afwisselend: we rijden door lintdorpjes, over bergpassen en zien paard en wagens waarop hooi, hout, kinderen en oma’s worden vervoerd. Langs de weg stalletjes met uien en knoflook, druiven en vooral veel watermeloenen. Ook treffen we een bruiloft. In optocht loopt de bruidstoet op de grote weg door het dorp achter de muzikanten aan (met viool, accordeon en klarinet). Vrijwel alle mannen hebben een fles sterke drank in hun hand, dus het zal vast nog gezellig worden.

Lacul Rosu

Bij het rode meer (Lacul Rosu) lopen we een rondje. Het meer is druk bevolkt met roeibootjes en iedereen heeft een zwemvest aan. De barbecues zijn al aangestoken en de overheerlijke geur van gegrild vlees vult onze neuzen. Na alle rust tot nu toe ervaren we dit een beetje als een kermis, maar wel een heel gezellige. Er zijn stalletjes met kleden, schoenen, geborduurde bloesjes en schapenvachten. Het meer zelf vormt, geologisch gezien, een uniek natuurmonument in Roemenië: sinds 1837 is het de enige natuurlijke dam van het land. Door hevige stormen brak een deel van de berg af en de brokstukken blokkeerden de stroming van een paar riviertjes. De vallei en het bos zijn vervolgens onder water gelopen en daarom zijn er nog steeds toppen van bomen boven de waterspiegel te zien. Het water was bij ons bezoek helaas niet rood, maar dat mocht de pret niet drukken: het meer is prachtig om te zien.

Bicaz kloof

Nog imposanter is het tweede populairste natuurmonument van Roemenië: de Bicaz kloof, uitgeslepen in de kalksteenrotsen door het Bicaz riviertje, vijf kilometer lang en aan beide zijden van de weg omringd door 300 meter hoge rotspartijen. De weg door de vallei verbindt Transsylvanië en Moldavië.

Ruiters

Vlak voor Piatra komt ons een jonge ruiter tegemoet, kleurig gekleed en voorzien van hoed met knalrode bloem. Ook het paard is versierd met rode kwasten aan zijn tuig, bontgekleurde kleden onder het zadel en een roze strik op de staart. Maar er zijn er meer, want hij gebaart ons mee te komen. De paarden verderop zijn wat onrustig en poseren blijkt lastig, maar de jongens hebben er schik in en doen hun uiterste best voor ons, zoals je op de foto’s kunt zien. We hebben helaas geen woord met ze kunnen wisselen.

Piatra Neamt en Moldavië

Piatra Neamt is niet echt een mooie stad, er zijn vrijwel geen indrukwekkende gebouwen, maar het vormt wel een fijne uitvalsbasis voor een bezoek aan de kloosters van Moldavië. We bewonderen er een aantal en verbazen ons over de religieuze importantie in Roemenië. Zoveel kloosters, zoveel monniken, zoveel nonnen en zoveel auto’s, die met open deuren en voor- en achterkleppen in rijen voor de kloosters staan, wachtend op zegening door de priesters. Veel Roemenen maken ook een kruis als zij een (Roemeens-orthodoxe) kerk passeren en kussen zelfs met regelmaat de ikonen van heiligen in kloosters en kerken.

Brasov

Brasov oogt veel mooier, maar ook hier zijn nog vervallen gebouwen die een likje verf nodig hebben. We maken een prachtige wandeling vanaf Poiana Brasov in de bergen tot aan het dal van de stad. Terrasjes te over in Brasov en in de winkeltjes hier spreekt men zowaar opeens Engels(!). Er zijn dan ook “veel” buitenlandse toeristen in de stad. Dat hebben we tot dan toe nog niet meegemaakt.

Barbecue

Beide avonden genieten we van mals gegrild vlees van de barbecue. De restaurantjes hier zijn supergezellig en naar onze indruk ook oorspronkelijk. We eten overal tussen Roemenen. Ook treffen we veel zigeuners aan in deze stad: de vrouwen zijn voorzien van kleurige lange rokken en hoofddoeken en de mannen dragen een platte ronde breedgerande zwarte hoed en dito pak.

Sinaia – kasteel Peles

‘Parel van de Karpaten’ Sinaia, gelegen aan de voet van het Bucegi gebergte, is een plaatje. Het is een van de oudste bergvakantieoorden van Roemenië en staat bekend om zijn idyllische kasteel Peles, zomerresidentie van koning Carol I van Roemenië (1839-1914). Het kasteel ligt tegen de berg aan en als wij er ’s ochtends arriveren trekt de mist net uit de bergen op. Daarna verschijnt het kasteel in zijn volle glorie. Het is er het best druk met al die binnenlandse toeristen, dus wij besluiten niet naar binnen te gaan en het klooster van Sinaia is ook een bezoekje waard. Ons hotel hier stamt echter uit de Communistische tijd en zal destijds vast en zeker heel luxe zijn geweest. In ieder geval hebben we wel een zwembad.

Als we ’s middags, klauterend over bruine skipistes, van 2000 naar 1400 meter afdalen, genieten we van prachtige uitzichten over de bergen en de Prahova vallei.

Kasteel Peles

Beren

’s Avonds hoop ik beren vanaf ons balkon te zien. Achter het hotel staan namelijk containers en de beren weten die waarschijnlijk al langer te vinden, want ik zie een spoor van vuilnis lopen, het bos in, de berg op. Mijn geduldig wachten wordt gelukkig beloond: als alle straathonden rond elf uur beginnen te blaffen en grommen ontwaar ik beneden een beer in het halfdonker. Gelukkig zijn er enkele minuten later ook Roemenen op hun balkon met een verstraler! Zij schijnen de beren (intussen zijn het er twee) even prachtig voor me bij. Een echte aanrader!

Babele en Sfinx

Het is ’s ochtends druk bij de trage kabelbaan vanaf Busteni, een dorp verderop. We wachten maar liefst twee uur in de zinderende hitte om Babele en Sfinx te kunnen zien, twee zeer bijzondere rotsformaties op een plateau in de Zuidelijke Karpaten, gevormd door erosie en verschillende hardheid van rotslagen. De eerste zien eruit als gigantische paddenstoelen en de tweede lijkt in de verte op de Sfinx van Egypte. De uitzichten zijn weer grandioos als we hier rondwandelen en bovenop de berg treffen we weer een herder met een gigantische schaapskudde, zoals je er wel meer zult zien op je reis door dit land. Wat een jaloersmakend tafereel als ik de herder op zijn rots rustig om zich heen zie kijken naar dit wonderschone landschap om hem heen. De weg terug met de kabelbaan is best eng al je het dal inkijkt: megasteile kaarsrechte rotsen omringen je aan beide zijden.

Libearty

Wil je beren bij daglicht zien ga dan naar Libearty: een reservaat bij Zarnesti, opgericht door Christina Lapsis, die in 1998 (!) drie beren als attractie opgesloten in een kleine kooi voor een restaurant aantrof. Ze nam zich voor dit nooit meer te laten gebeuren. Voortaan moest het anders in Roemenië. Intussen heeft ze hier 70 ha bosland met zo’n 70 beren weten te verzamelen en heeft ze vooral voor bewustwording gezorgd rondom de wrede exploitatie van Roemeense beren als kermisattractie.

In eerste instantie was ik wat sceptisch over een bezoek aan deze “dierentuin”, maar het is een genot om de dieren hier te zien baden en spelen. Daarvoor hoef je de wrede film bij de entree over voormalige misstanden in Roemenië niet eens te bekijken. Sla die vooral over zou ik zeggen als je hier een bezoek gaat brengen. Hopelijk draagt het gedachtegoed van Libearty ook bij aan de uiteindelijke bescherming van beren in het wild. De helft van alle bruine Europese beren leeft namelijk in de bossen van de Karpaten in Roemenië.

Jaren later (2023) zal Floortje Dessing hier een bezoek brengen, misschien valt het nog terug te kijken.

Zarnesti

Zarnesti is een lieflijk boerendorpje en ons hotel is zo mogelijk nog lieflijker zoals het daar ligt aan de voet van een indrukwekkende berg. Vanaf ons balkon kijken we uit over de gigantische tuin en de boerderijen in de omgeving. Met zonsondergang kleurt de hele omgeving oranje.

Nationaal park Piatra Craiului

Eind van de middag klimmen we in Nationaal Park Piatra Craiului twee uur lang een supersteile berg op (onder begeleiding van een door ons zelf ingehuurde gids) in de hoop er een beer in het wild aan te treffen. Op de top kijk je uit over het surrealistische landschap hier, zoals de steile kale rotswand aan de overkant, waar met name bergbeklimmers actief plezier aan zullen beleven. Dit panorama is werkelijk fantastisch en doet je de vermoeiende beklimming al snel vergeten. Beren zien we helaas niet als we het komende uur weer afdalen, wel wat berenpoep en …. een vos. We moeten hem werkelijk van ons af slaan, zo brutaal is hij.

Bran

De weg naar Bran castle, bijgenaamd het kasteel van Dracula, is bezaaid met stalletjes gevuld met souvenirs en het stadje is overspoeld met auto’s en parkeerplaatsen. Ook horen we hier helaas wat Frans, Duits en Italiaans. Maar wat een pracht dit kasteel boven op die berg! Het is wel gerenoveerd maar dat is zeer smaakvol gedaan. Gangetjes, uitkijkjes, een waterput, uitzicht over de omgeving, lezen over legendes van vampiers, kortom: laat het niet links liggen bij je toer door Roemenië. Qua drukte is het nog steeds niet vergelijkbaar met die van het Louvre in Parijs of de kathedraal van Florence!

Magura

Het is een afschrikwekkende tocht met de auto over een krakkemikkige zandweg met haarspeldbochten omhoog vanuit de vallei van Zarnesti naar bergdorp Magura. Je moet het maar durven, maar het dorp is ongelooflijk mooi en idyllisch gelegen. We vragen ons af hoe dat hier ’s winters moet. Daarna genieten we in het dal van de rust en de loslopende paarden en koeien hier. Ook de paard en wagens met hooi en kinderen bovenop komen weer veelvuldig langs. Het lijkt wel een ouderwetse film.

Rasnov

De immense citadel van Rasnov bezoeken we aan het eind van de dag, als de zon de bergen eromheen alweer oranje begint te kleuren. Een glazen lift brengt je langs de steile bergwand naar boven. Het is heerlijk om hier boven rond te kunnen wandelen in de Middeleeuwen tussen die dikke muren van de vesting.

Transfagarasan

We zijn op weg naar de Transfagarasan, een beroemde pas door en over het Fagaras gebergte, die door het BBC programma Top Gear is uitgeroepen tot de mooiste weg van Europa. Deze zorgde er in eerste instantie voor dat we ooit besloten een keer naar Roemenië te gaan. Het eerste stuk tot aan Curtea de Arges cirkel je door fraaie bergen heen langs oude dorpjes en verrukkelijke panorama’s. Dan volgt een gigantische stuwdam inclusief meer. Hierna zien we overal langs de weg mensen picknicken en barbecueën. Verder kunnen we niet echt van ons af kijken met allemaal bomen om ons heen. Ik vraag me af wanneer dat indrukwekkende stuk weg van de beelden nu gaat beginnen.

Regen

En dan opeens wordt de omgeving kaler, stijgen we voortdurend en volgt de ene na de andere haarspeldbocht elkaar op. Het vergezicht is magnifiek hier, maar de lucht wordt ook steeds grijzer …  Helaas stort op enig moment de hemel leeg en zien we nauwelijks nog een hand voor ogen, laat staan de voorganger of het uitzicht. De rest van de weg leggen we jammer genoeg in de stromende regen af.

Sibiu

Sibiu, het volgende doel,  komt wat tegenstrijdig op mij over: het ene deel van de stad is historisch oud en vervallen en het andere is zo netjes opgeknapt dat het wel een Oostenrijkse stad lijkt. Kleurige keurige panden omringen het grote plein in het midden van de stad, maar een eindje daarbuiten zijn de meeste gebouwen behoorlijk vervallen. Toch boeit mij dit oude gedeelte meer dan het gepolijste opgeknapte stuk, wat waarschijnlijk valt toe te rekenen aan het feit dat Sibiu in 2007 tot Culturele Hoofdstad van Europa werd uitgeroepen. Maar ik kan het uiteraard mis hebben. De zogenaamde ‘ogen van Sibiu’ grijpen mij wel meteen. Dit zijn half ovale uitsparingen, een soort van dakkapellen, die je door hun vorm lijken aan te kijken vanaf de daken. Een bijzonder gezicht. Bekijk de foto maar eens.

Zigeunermarkt

De zigeunermarkt, – waarvan we het bestaan niet wisten – en het feest dat daar ’s avonds op volgt, vormt de klap op de vuurpijl. Ik kan hier toevallig een praatje maken met een van de mannen, die Italiaans blijkt te spreken. Dat is deze reis gelukkig een aantal keer het geval. Roemeens behoort namelijk tot de Romaanse taalgroep en is daarmee verwant aan het Italiaans. Veel Roemenen en met name de zigeuners die ik sprak hebben in Italië gewerkt. Roemenen benadrukken ook graag hun Romeinse roots.

Italiaans en Hongaars

Zo werd bijvoorbeeld de stad Cluj destijds omgedoopt tot Cluj-Napoca (de laatste was de naam van een toenmalige Romeinse nederzetting). Volgens sommigen was die naamswijziging alleen bedoeld om de Hongaarse minderheid duidelijk te maken dat Cluj geen Hongaarse stad is (het heette eerst Klausenburg voor Duitsers en Koloszvar voor Hongaren) maar gesticht is in of zelfs nog voor de Romeinse tijd door de Daciërs (voorouders van Roemenen). Onderweg treffen we bij binnenkomst in dorpjes ook vaak naambordjes aan in zowel Hongaars als Roemeens. Dat begrepen we toen alleen niet helemaal, want we spreken al slecht Roemeens, laat staan Hongaars. Gelukkig mag ik de Italiaans sprekende man samen met zijn zoontje op de foto zetten.

Targu Mures

Oorspronkelijk zijn we van plan om vanuit Sibiu via Alba Iulia terug te reizen naar Cluj-Napoca. Maar door omstandigheden moeten we het schema omgooien en reizen we – rechtsom in plaats van linksom – terug naar Cluj via Targu Mures. Ondanks dat we hier een leuk hotel met dito zwembad tegen de berg aan hebben zou ik een verblijf in deze minder aantrekkelijke stad niet aanraden.

Verkeersboete

Reden waarom we dit doen is trouwens het nare feit dat we op dag twee in Roemenië al een verkeersboete krijgen opgelegd voor het rijden over een doorgetrokken streep op de weg. Een dergelijk vergrijp (waar velen zich hier aan bezondigen, want langzaam rijdend verkeer, vooral de berg op, is hier geen feest met die tweebaanswegen door het hele land heen) wordt hier bestraft met het inleveren van je rijbewijs, naast het betalen van een boete. Denk hier dus aan als je aan een roadtrip door dit land wilt gaan doen. Een gewaarschuwd mens telt voor twee!

Veel langzaam rijdend verkeer in Roemenië

26 november 2017

Vorig verhaal
«
Volgend verhaal
»

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *