Je kent het wel. De navigatie zegt: nog twee uur en twintig minuten. Armenië zegt: we zullen wel zien. Dit is deel vier van onze roadtrip door Armenië: van Goris naar Jermuk.
Nog geen halfuur nadat we Goris hebben verlaten, staan we alweer stil. Niet omdat er iets mis is met de auto, maar omdat het landschap dat simpelweg afdwingt. De weg kronkelt hoger en hoger de bergen in. Achter iedere bocht ligt weer een uitzicht waarvan je denkt: deze moet óók nog even op de foto.



Vorotanpas
Op de Vorotanpas zien we een paar herders druk bezig met hun schapen. Geen toeristische show, maar gewoon een ochtend zoals er waarschijnlijk al generaties lang duizenden zijn geweest. We stappen uit en maken wat foto’s als de mannen aangeven dat dat mag. Dat blijft echter niet onopgemerkt.


De voorman komt vriendelijk lachend naar ons toe, met nog net geen fles wodka in zijn hand. Of we een glaasje willen. En het is nog niet eens lunchtijd.
Hoe verleidelijk de uitnodiging ook is, we hebben nog een flinke rit voor de boeg. Dus bedanken we vriendelijk. De glimlach blijft. Aan beide kanten. Nog vrolijker dan we al waren nemen we afscheid van dit tafereel.
Paddenstoelen
Niet veel later doemen langs de weg kraampjes op vol reusachtige paddenstoelen. Ik overdrijf niet: sommige hebben het formaat van een dinerbord. Ze zien er heerlijk uit. Ik zou er graag een paar meenemen, maar ja… probeer zo’n ding maar eens te bakken op een hotelkamer. Dus blijft het bij kijken, ruiken en me afvragen hoe ze zouden smaken.


Zorats Karer
Even verderop verschijnt de groep mysterieuze stenen op een heuvel waarnaar we op zoek zijn. We zijn aangekomen bij Zorats Karer, of Karahunj, zoals de meeste Armeniërs zeggen. Zorats Karer, ook wel het Armeense Stonehenge genoemd.
Of die vergelijking helemaal terecht is, laat ik graag aan archeologen over. Feit is dat de plek iets mysterieus heeft. De stenen staan verspreid over een glooiende vlakte, met rondom niets anders dan bergen, gras en stilte. Er zijn geen hekken, geen grote bezoekerscentra en ook geen drommen toeristen die elkaar verdringen voor de perfecte selfie.



We lopen er een tijdje tussen de eeuwenoude stenen door en proberen ons voor te stellen hoeveel generaties hier vóór ons hebben gestaan. Waar dienden ze voor? Een sterrenwacht? Een begraafplaats? Een heilige plek? Niemand lijkt het precies te weten, en misschien is dat juist de charme.
Sommige plekken hoef je niet helemaal te begrijpen om ze te waarderen. Zorats Karer is er zo één. Het uitzicht, de stilte en de gedachte dat deze stenen hier al duizenden jaren de Armeense bergen trotseren, maken minstens zoveel indruk als de stenen zelf.
Shaki waterval
De volgende stop is de Shaki-waterval. Je hoort hem al voordat je hem ziet. Even later stort een brede witte watermassa zich tussen de groene rotsen naar beneden. Zo’n plek waar je denkt: één foto en weer verder. De omgeving is schitterend: tussen rotswanden en langs het riviertje is de wandeling heen en terug erg leuk langs de bergwand op. Als we terug zijn bij de parkeerplaats zie ik eindelijk het tafelkleed dat ik zo graag wil hebben. Na wat onderhandelen ben ik een koning te rijk. Nu nog kijken of hij straks in de koffer past op de terugweg, hij is best zwaar en dik …

Jermuk kuuroord
Aan het begin van de middag rijden we Jermuk binnen. Wat een bijzondere stad. Prachtig gelegen boven een diepe kloof. Bossen, frisse berglucht en overal – geneeskrachtige – mineraalwaterbronnen. Maar ook verlaten sanatoria, leegstaande hotels en gebouwen waarvan je je afvraagt wanneer er voor het laatst iemand de gordijnen heeft opengetrokken. De weg naar ons hotel ligt ook vol gaten. Waar komen we nu weer terecht?

Ooit was dit een van dé kuuroorden van de Sovjet-Unie. Daarna viel niet alleen de Sovjet-Unie uiteen, maar leek ook Jermuk als kuuroord langzaam in slaap te vallen. Gelukkig wordt de stad de laatste jaren voorzichtig wakker. Tussen de vervallen gebouwen verschijnen behoedzaam nieuwe hotels, een paar leuke restaurantjes en terrassen. Alsof verleden en toekomst hier naast elkaar wonen.
Terras
Het leukste terras? Zonder twijfel het drijvende terras op de vijver. Uit de luidsprekers klinkt vrolijke Armeense muziek, mensen dansen en niemand lijkt zich druk te maken over de tijd. Wij ook niet. Dus lopen we richting grot restaurant voor een hele late lunch. En weer blijkt Internet niet altijd even betrouwbaar: dat restaurant is al lang gesloten.

Jermuk waterval
De wandeling naar de Jermuk-waterval is misschien wel het hoogtepunt van ons verblijf. Via een pad daal je af in de kloof, steeds dichter langs de Arpa rivier. Uiteindelijk verschijnt de beroemde waterval als een witte sluier tegen de donkere rotswand. Een geweldige plek, die, zeker in het weekend, niet vergeten wordt.




Alleen vergeten we één klein detail. Alles wat je naar beneden loopt ….. mag je daarna ook weer omhoog. Gelukkig is een taxi chauffeur hier snel geregeld.
Relaxen
Het zonnetje schijnt weer heerlijk dus we nemen een uurtje of wat de tijd om aan het stuwmeer – waaraan ons hotel ligt – te genieten van het uitzicht. ’s Avonds eten we superlekker in het restaurant, waar de eigenaars alles doen om het ons naar de zin te maken ook al spreken wij geen Armeens. We gaan dus alle keren terug. Hier ‘kuren’ doet ons goed.






Heldenpad
De volgende dag nemen we eerst een kijkje bij het zogeheten ‘heldenpad’. Tussen de bomen om het reservoir staan donkere basalten beelden van Armeense helden. Geen drukte, geen souvenirkraampjes, alleen het geritsel van bladeren en af en toe een bankje. Zo’n plek waar je ongemerkt langzamer gaat lopen. Niet omdat het moet, maar omdat de omgeving daar vanzelf om vraagt.



Daarna besluiten we Jermuk verder te ontdekken en maken we een rondje langs de kuuroorden en het ‘centrum’. Helaas mag ik de afgesloten panden niet in. Echt jammer: ik had hier zo graag foto’s gemaakt van het verval.







Dieren in kuuroord Jermuk
Gelukkig is er ook nog wat levends te vinden, dus wordt mijn fotografiehonger toch nog een beetje gestild. In heel Armenië vind je straatkatten en -honden. De katten zijn allemaal schoon en prachtig. Als kattengek kan ik het gewoon niet laten er een paar op de plaat vast te leggen. De honden zijn gelukkig allemaal lief, we hebben er van niet eentje last gehad. Verder zien we hier overal hagedisjes, die – als je heel goed door de lens kijkt – blauw met groen en geel blijken te zijn. Dat lukt je met het blote oog eigenlijk nauwelijks. Wel zou ik wat meer bijzondere vogels willen zien, maar daar hebben we eigenlijk ook niet echt tijd voor. Je ziet er sowieso veel kwikstaarten, een soort gaai (net iets anders dan de onze), veel eksters en roofvogels.






Verregende middag



En alsof Jermuk ons nog één laatste verrassing wil geven, slaat het weer om. Een halve middag lang valt de regen met bakken uit de lucht. Geen ramp. Het geeft ons een mooi excuus om wat te relaxen en nog eens na te praten over deze dagen die werkelijk alles hebben: gastvrije herders, reuzenpaddenstoelen, prehistorische stenen, spectaculaire watervallen en een stad die hopelijk op het punt staat haar tweede jeugd te gaan beleven.
Saaie dagen bestaan blijkbaar niet in Armenië.
Dit was dus deel vier van onze roadtrip. Deel 1 vind je hier. Hierna trekken we verder naar Lake Sevan. Deel vijf verschijnt nog een keer dus houdt mijn Facebook e/o Insta in de gaten!
Info:
- Wij sliepen in Verona Resort Jermuk. Grote kamer, fijn bed en een veel te uitgebreid ontbijt zoals bijna overal in Armenië.
- Terrace restaurant (er vlak naast) is geweldig;
- Schrik niet van de vervallen panden in de stad, zelfs strak achter het hotel staat een voormalig cultuurpaleis op instorten;
- De kuuroorden lijken helaas meer op sanatoria dan op wellness (waar wij stiekem op hoopten);
- Voor een doorreis is Jermuk prima.
1 juli 2026