right-arrow

Mijn vriendin woont in de Bourgogne, aan de rand van de Morvan. Voor haar rust. Er is dan ook niks te doen daar. Echt helemaal niks. Hoewel, één ding is er wel erg leuk en dat is wandelen. Wandelen door het bos, wandelen langs de weilanden, langs het kanaal en vooral wandelen langs de witte koeien daar.

‘Dat is de Charolais koe’, vertelt mijn vriendin me, ‘ken je die niet?’ Als ik hoogst verbaasd een paar shotjes maak van de dieren, wanneer ze nieuwsgierig naar ons toe komen lopen, vraag ik me af waar dat Charolais op slaat.

De koe blijkt van oorsprong uit de oude Franse provincies van Charolles en het nabij gelegen Nievre te stammen. Het ras was al in de 16e en 17e eeuw erg geliefd op de Franse markten. Door selectie ontstond een wit ras, dat gebruikt werd voor melk en vlees. Rond 1730 verhuisde er een fokker uit de regio naar de Nievre, die de kudde met zich meenam. Vandaar dat het ras een tijd lang bekend kwam te staan als de Nivernaise koe.

De Nivernais blijkt dus al vanaf de 17de eeuw de bakermat van het bekende (slacht)veeras van de Charolais-koeien te zijn. Bovendien moet het vlees van deze koeien wereldberoemd zijn, volgens mijn vriendin. ‘Vanwege zijn uitstekende kwaliteit, hè.’ Dat is mij volledig ontgaan. Maar dat kan uiteraard samenhangen met het feit dat ik niet zo’n vleeseter ben.

Intussen zijn we de koeien al een tijdje voorbij en bereiken we ons eigenlijke doel voor vandaag: het Canal du Nivernais. Dat ligt er stralend bij in het oktoberzonnetje. Alle loofbomen eromheen variëren in kleur van geel tot alle tinten groen, tot zelfs donkerbruin. Het kanaal staat in verbinding met de Loire en de bassins van de Seine en behoort zonder enige twijfel tot de mooiste kanalen van Europa.

We lopen langs een aantal sluizen hier, die bijna allemaal zijn gemarkeerd door een lieflijk sluishuisje met blauwe en witte luiken. De meeste zijn ook prachtig groen begroeid met klimop. Hier en daar heb je de mogelijkheid om het kanaal via – veelal houten – bruggetjes over te steken. We picknicken ergens aan de rand van een sluis. Ik voel me rijk dat ik hier mag wandelen en begin dan ook zo heel zoetjes aan mijn vriendin een beetje te begrijpen.

Volkskrantreizen.nl, september 2010

Vorig verhaal
«
Volgend verhaal
»

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *